5 Als uw interne gesprekspartner zich niet meldt of u wilt het doorverbinden
stoppen, druk dan opnieuw op .
Opmerking:
- Wanneer een deelnemer het conferentiegesprek verlaat, blijven de
andere deelnemers verbonden.
Wekker
Een pictogram in de display geeft aan dat de wekker geactiveerd is.
1 Druk op , selecteer KLOK/ALARM en druk op .
2 Selecteer ALARM INST. en druk op .
3 Selecteer EENMALIG AAN of DGLIJKS AAN en druk op .
4 Voer de tijd in en druk op .
5 Wanneer de wekker afgaat, drukt u op om het even welke toets om de
wekker uit te zetten.
Wektoon instellen
1 Druk op , selecteer KLOK/ALARM en druk op .
2 Selecteer ALARMMELODIE en druk op .
3 Selecteer een melodie en druk op .
Persoonlijke instellingen
Hier worden persoonlijke instellingen beschreven. U bereikt deze functies via
het menu (zie menuoverzicht).
Melodie en volume van beltoon (PERS.INSTEL. -> HANDSET TOON)
Selecteer de beltoon en het volume voor oproepens (ook de
groepsmelodie) en schakel de toetstoon aan of uit.
Handset naam (PERS.INSTEL. -> HANDSET NAAM)
U kunt de handset een individuele naam geven.
Auto antwoord (PERS.INSTEL. -> AUTO ANTW.)
Wanneer deze functie is ingeschakeld, dan wordt een binnenkomende
oproep direct aangenomen wanneer u de handset uit het basisstation
neemt.
Automatisch opleggen (PERS.INSTEL. -> AUTO OPHANG.)
Wanneer deze functie ingeschakeld is, kunt u een gesprek beëindigen door
simpelweg de handset in het basisstation te zetten.